Stichting Historisch Oost-Knollendam
Dorpsstraat (secretariaat) 121
1534 NG Oost-Knollendam
tel: 075-6426316
t.ris@kpnplanet.nl
http://www.oost-knollendam.nl

openingstijden:
Vanaf de 2e woensdagavond in de maand van 19 tot 21 uur zijn we aanwezig in onze ruimte boven het Dorpshuis.

Uit Van der Aa´s Aardrijkskundig woordenboek (1836-1851)

KNOLLENDAM, d., prov. Noord-Holland, aan de Zaan, welke hier haren aanvang neemt, om hare uitwatering in het IJ, door de sluizen te Zaandam te volbrengen. Deze plaats wordt door de Zaan in twee deelen gescheiden, Oost-Knollendam en West-Knollendam geheeten. Het eerste, Oost-Knollendam, in het arr. en 5 u. Z.W. van Hoorn, kant. en 2½ u. W. van Purmerend, gem. en ¾ u. N.W. van Wormer, 3½ u. Z.Z.0. van Alkmaar. Het laatste, West-Knollendam, in het arr. en 5 u. N.0. van Haarlem, kant. en 2¾ u. N. van Zaandam, gem. en ¾ u. N. van Wormerveer, 5½ u. Z.Z.0. van Alkmaar.

OOST- en WEST-KNOLLENDAM zijn alzoo twee gehuchten, welke te zamen een zoogenaamd kerkdorp uitmaken, dat bij den naam KNOLLENDAM bekend is. OOST-KNOLLENDAM is een gedeelte der voormalige ambachtsheerlijkheid, van den banne van Wormer, met oostzijde van KNOLLENDAM, en lag alzoo vroeger onder Kennemerland. WEST-KNOLLENDAM behoorde vóór dezen tot Westzaan, en maakte daarmede eertijds een gedeelte uit van het baljuwschap van den Lande van Blois.
Tot op de invoering, van het kadaster, in 1833, was er aan de westzijde één huis, de herberg, hetwelk der oostzijde aanhoorig was, doch van toen af onder de westzijde begrepen is geworden, en niet geheel deze westzijde, die, zoo als gezegd is, een deel uitmaakte van de gemeente Westzaan, is overgebracht tot de gemeente Wormerveer.

Beide deze doelen waren weleer met eenen dam, de Noorddam genaamd, aan elkander gehecht. In het jaar 1574 gaf JAN VAN CHATILLON, als Heer van deze landen, vrijheld om eene sluis in dezen dam te leggen, en omtrent het jaar 1560 werd er nog eene sluis gemaakt, verder naar het Oosten, daar de tegenwoordige doorvaart is: deze was (volgens LOOSJES (1)) met twee deuren, om den afloop van het water naar het Zuiden te keeren. De eerste is na verloop van tijd gestopt, en de laatste omstreeks den jare 1650 uitgebroken en vernietigd.
Men telt te KNOLLENDAM 58 huizen, 2 pakhuizen en ruim 500 inw., van welke laatste enkele koopmanschap drijven, sommige in de visscherij en het meerendeel in de boerderij hun bestaan vinden. Oudtijds waren er vele schippers, die met eigen koopwaren op verschillende plaatsen voeren. Men vond er ook die zich met het opleggen van granen en de reederij op Groenland bezig hielden, waardoor er eene traankookerij bestond. Te WEST-KNOLLENDAM vindt men nog twee oliemolens, welkers eigenaar daar evenwel niet woonachtig is. Zij staan aan de zoogenaamde Togtsloot, een vaarwater, dat gemeenschap heeft met de Markervaart, langs welke men Alkmaar nadert, zoo mede met de Nauernasche Vaart, die, langs Krommenie, naar het IJ uitgevaren kan worden. Enkele percelen van het tegenwoordig WESTKNOLLENDAM, en daaronder de gezegde molens, behoorden tot op de invoering van het kadaster onder de gem. Uitgeest-en-Marken-Binnen. Er bestaat een marktveer op Purmerend, dat, des Dingsdag, met eene jaarschuit bevaren wordt. De schipper bezoekt ook met dit vaartuig de Zaturdagsche markt te Alkmaar, varende als dan van Wormerveer.
De kermis regelt zich naar den feestdag van ST. VICTOR, welke invalt den 10 October, Zondags daaraan is het kermis te KNOLLENDAM.

De Herv., met die van Marken-Binnen te zamen ongeveer 390 in getal, onder welke ruim 190 Ledematen, maken eene gemeente uit, welke tot de klass. van Haarlem, ring van Zaandam, behoort. Van het jaar 1595 tot 1623 werd de gem. te KNOLLENDAM, nevens Krommeniedijk bediend door KLAAS KLAASZ., Predikant van Uitgeest, terwijl ook andere naburige Predikanten, sedert het jaar 1609 alhier van tijd tot tijd de dienst waarnamen. In 1624 kreeg KNOLLENDAM, vereenigd met Krommeniedijk, tot Leeraar JACOB VAN DEN HDEVE, die in het Jaar 1645 emeritus werd, en in hetzelfde jaar opgevolgd werd, door JOHANNES AMPSINGIUS. In het jaar 1657 werd Marken-Binnen vereenigd met KNOLLENDAM. De gemeente bekwam toen tot Leeraar NICOLAAS BEETS, die in het jaar 1669 overleed. Krommeniedijk heeft later zijne eigene leeraars gehad, doch sinds het jaar 1820 neemt de Predikant der gemeente Krommenie, met dien van KNOLLENDAM en Marken-Binnen de dienst waar te Krommeniedijk. Het beroep geschiedt door den kerkeraad. De kerk staat te WEST-KMOLLENDAM; het huis van den Predikant te OOST-KNOLLENDAM.
De Doopsgez., van welke men er ongeveer 50 telt, behooren tot de gemeente Knollendam-Krommeniedijk-en-Marken-Binnen, welke te West-Knollendam eene kerk en predikantswoning heeft.
De R.K., die men er aantreft, worden gerekend tot de stat. van Wormer voor zoo veel de Oostzijde, en tot die van Krommeniedijk voor hetgeen de Westzijde betreft.
De verzorging der behoeftigen en der weezen geschiedt aan de genen, die tot eene kerkelijke gemeente behooren, door de Diakenen, maar die geen Ledematen zijn worden geholpen, aan de oostzijde, door twee Armenvoogden, die aangesteld worden door de Regering van Wormer, de weezen van die zijde worden onderhouden door Weesvaderen te Wormer, terwijl die van de westzijde komen te Wormerveer.
Aan de oostzijde is eene school, vroeger was er ook eene aan de westzijde, maar die is reeds sedert jaren met die van OOST-KNOLLENDAM vereenigd.

KNOLLENDAM (OOST-), geh., oudtijds onder Kennemerland, prov. Noord-Holland, arr. en 5 u. Z.W. van Hoorn, kant. en 2½ u. W. van Purmerende, gem. en ¾ u. N.W. van Wormer. Het gehucht heeft 31 huizen, waaronder dat van den Predikant der Hervormde gemeente van Knollendam c.a., telt 180 inv., voorts zijn er 2 pakhuizen en eene schutsluis voor kleine vaartuigen, schuttende tusschen de banne van Wormer en de Zaan. Ook heeft men er eene school, welke gemiddeld door een getal van 56 leerlingen wordt bezocht.

KNOLLENDAM (WEST-), geh., vanouds behoorende tot den Lande-van-Blois, prov. Noord-Holland, arr. en 5 u. N.0. van Haarlem, kant. en 2½ u. N. van Zaandam, gem. en ¾ u. N. van Wormerveer, 3½ u. Z.Z.0. van Alkmaar.
De kerk der Herv. gem. van Knollendam, welke hier staat, niet verre van de doorvaart, werd, zoo men wil, ofschoon in lateren lijd hersteld, reeds vóór den tijd der Spaansche onlusten, onder den naam van kapel, ter oefening van de godsdienst gesticht, waarom de Kerkmeesteren ook oudtijds kapelmeesters genoemd werden. Zij werd in het jaar 1825 aanzienlijk hersteld, waartoe van 's Rijks wege eene subsidie van 1200 gulden werd verleend, en is met eenen houten toren, eene klok en een wijzerbord voorzien. De ingang der kerk is aan het westeinde; op den Predikstoel daartegen over is het jaartal 1610 uitgesneden. De kerk is zeer klein en heeft geen orgel.
In het jaar 1628, of wat eerder, was alhier eene Doopsgez. kerk gebouwd, die in de jaren 1745 en 1753 aanmerkelijk verbeterd werd. Later weder in verval geraakt, is er, in 1842, eene nieuwe kerk gebouwd, echter zonder toren of orgel.

KNOLLENDAM-KROMMENIEDIJK-EN-MARKEN-BINNEN, Doopsgez. kerk. gem., prov. Noord-Holland; met ruim 110 zielen, onder welken 50 Ledematen, en twee kerken, als: ééne te Westknollendam en ééne te Krommeniedijk. De eerste Leeraars dezer gem., die uit vier verschillende gemeenten ontstaan is, waarvan drie in deze eeuw vereenigd zijn en waarin de leden der vervloeide gemeente van Uitgeest zijn opgenomen, zijn onbekend, tot zelfs aan de achttiende eeuw. De oorsprong deser gem. klimt evenwel waarschijnlijk tot den tijd der hervorming op, althans men vindt melding gemaakt van drie Doopsgezinde Martelaren te Krommeniedijk in het jaar 1527 en van tien andere ter zelfder plaatse in het jaar 1542.

Bron: Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden / Van der Aa.